Voer uw spaartegoed en beleggingen in en zie direct hoeveel box 3-belasting u in 2025 betaalt. De berekening hanteert de voorlopige forfaitaire rendementen van 2025: 1,24% op spaargeld en 6,03% op beleggingen, met een heffingsvrij vermogen van 57.684 EUR en een belastingtarief van 36%.
Box 3 belasting
-
Totaal vermogen
-
Vrijstelling
-
Belastbaar rendement
-
Box 3 belasting (36%)
-
Jouw overzicht
Wordt direct bijgewerkt| Post | Bedrag |
|---|
Hoe werkt de box 3-belasting op een beleggingsrekening in 2025?
Box 3 belast het inkomen uit sparen en beleggen op basis van een forfaitair (fictief) rendement. Voor beleggingen geldt in 2025 een voorlopig rendement van 6,03%, terwijl spaargeld lager wordt belast tegen 1,24%. De Belastingdienst berekent het voordeel door deze percentages toe te passen op uw vermogen boven het heffingsvrij vermogen van 57.684 EUR. Over het berekende forfaitaire voordeel betaalt u vervolgens 36% belasting.
Verschil tussen spaartegoed en beleggingen in box 3
Spaargeld en beleggingen worden in box 3 anders behandeld. Banktegoeden vallen onder de categorie met het lage forfaitaire rendement van 1,24%, terwijl beleggingen zoals aandelen, obligaties en ETFs onder het hogere tarief van 6,03% vallen. Dit betekent dat een beleggingsportefeuille bij gelijk vermogen een hogere belastingaanslag oplevert dan enkel spaargeld. De rekentool berekent het voordeel per categorie en telt deze op tot het totale belastbare voordeel.
Heffingsvrij vermogen en de belastbare grondslag
Het heffingsvrij vermogen van 57.684 EUR in 2025 wordt evenredig verdeeld over spaargeld en beleggingen, naar rato van hun aandeel in het totale vermogen. Heeft u meer spaargeld dan de vrijstelling bedraagt, dan valt het resterende spaargeld volledig onder het 1,24%-tarief. Beleggingen boven de (resterende) vrijstellingsgrens worden altijd belast tegen 6,03%. De grondslag is daarmee het vermogen waarover daadwerkelijk belasting wordt berekend.
Overgang naar het werkelijk rendement systeem
De Nederlandse overheid werkt aan een nieuw box 3-stelsel dat gebaseerd is op het werkelijk behaalde rendement in plaats van forfaitaire percentages. Dit systeem gaat naar verwachting in 2027 in. Voor 2025 en 2026 blijven de forfaitaire rendementen van kracht. De definitieve percentages voor 2025 worden door de Belastingdienst vastgesteld in het najaar van 2025 op basis van de werkelijke marktrentes; de hier gebruikte getallen zijn voorlopig.